Bloedgroep + Rhesus(D) + irregulaire antistoffen

BB20

De bloedgroeptypering wordt ook wel AB0-Rhesus typering, type-and-screen of gewoon bloedgroep genoemd. Hierbij wordt de bloedgroep vastgesteld (0 (nul), A, B of AB) en wordt gekeken of er sprake is van Rhesusfactoren (waaronder D en kleine c).

De bloedgroep wordt bepaald door specifieke eiwitten (antigenen) die aanwezig zijn op de rode bloedcellen. Het belangrijkste zijn de A en B antigenen. Als je antigeen A hebt, is de bloedgroep A; als je antigeen B hebt, is je bloedgroep B; als je beide antigenen hebt, is je bloedgroep AB en als je geen antigenen A en B hebt, is je bloedgroep 0.
Het lichaam maakt van nature antistoffen aan tegen het antigeen dat niet aanwezig is op de eigen rode bloedcellen. Iemand met bloedgroep A heeft dus van nature antistoffen tegen bloedgroep B en iemand met bloedgroep B heeft antistoffen tegen bloedgroep A. Iemand met bloedgroep 0 heeft antistoffen tegen zowel bloedgroep A als bloedgroep B, iemand met bloedgroep AB heeft geen antistoffen tegen A of B.

Antistoffen tegen de rhesusfactoren komen niet van nature voor. Iemand zonder rhesusfactor (rhesusfactor-negatief) moet dus eerst in contact komen met rhesus-positief bloed van een ander, voordat rhesus-antistoffen worden aangemaakt. Dat contact kan bijvoorbeeld door een bloedtransfusie komen of door een zwangerschap van een rhesus-positief kind. Rhesus-antistoffen kunnen een zeer heftige afweerreactie veroorzaken. Indien een vrouw antistoffen tegen de rhesusfactor heeft en zwanger is van een rhesusfactor positief kind, dan kan dit zeer ernstige gevolgen hebben voor het kind.

Aangezien het vaststellen van iemands bloedgroep voorafgaand aan een transfusie absoluut zeker moet zijn, wordt de bloedgroep (AB0 en rhesusfactor) altijd tweemaal bepaald in onafhankelijk afgenomen bloedmonsters.

Irregulaire antistoffen zijn afweerstoffen tegen andere bloedgroepen dan A, B, AB, 0, en Rhesus op rode bloedcellen. Normaal zijn deze antistoffen niet aanwezig in het bloed. Ze kunnen worden gevormd door het afweersysteem als er bloed van iemand anders in de bloedcirculatie komt door een bloedtransfusie of tijdens een zwangerschap doordat bloed van de foetus met andere bloedgroepen dan de moeder in de bloedbaan van de moeder terecht komt.

Bij Saltro worden bij alle zwangere vrouwen de bloedgroep (AB0-bloedgroep), de rhesusfactor en de aanwezigheid van irregulaire antistoffen vastgesteld in de 12e weeks screening. Dit wordt gedaan in verband met de ernstige gevolgen die rhesus-antistoffen (die aanwezig kunnen zijn bij rhesus-negatieve zwangeren) en sommige irregulaire antistoffen op het ongeboren kind kunnen hebben. Om te voorkomen dat rhesus D antistoffen worden gevormd bij een rhesus D negatieve moeder, krijgen deze moeders in de 30e week van de zwangerschap en na de bevalling rhesus-antiserum (Anti-D) toegediend. Dit antiserum zorgt ervoor dat het lichaam niet zelf rhesus-antistoffen gaat maken en voorkomt daarmee problemen bij een eventuele volgende zwangerschap. Wanneer irregulaire antistoffen aanwezig zijn tijdens de zwangerschap wordt verder uitgezocht welke dit zijn en wordt de hoeveelheid antistofeen vervolgd. In sommige gevallen kunnen irregulaire antitoffen zorgen voor afbraak van rode bloedcellen van het (ongeboren) kind.

In het ziekenhuis worden de bloedgroep en de irregulaire antistoffen ook bepaald bij patiënten die een bloedtransfusie moeten ondergaan. Dat is bijvoorbeeld het geval als iemand een zware (bloederige) operatie moet ondergaan, ernstige bloedarmoede heeft, behandeld wordt met chemotherapie of na heftige bloedingen (bijvoorbeeld na een ongeluk). Het toedienen van bloed met een bloedgroep die niet overeenstemt met die van de ontvanger, kan een heftige afweerreactie opwekken met mogelijk de dood tot gevolg. Door deze testen kan de juiste zak bloed worden geselecteerd voor toediening.

Wat betekent de uitslag?

De uitslag van de bloedgroeptypering geeft aan of er sprake is van bloedgroep A, B, AB of 0. Daarnaast wordt vastgesteld of men de rhesusfactoren D en kleine c bezit of niet (rhesus-positief dan wel rhesus-negatief is).

Bij zwangere vrouwen heeft de uitslag gevolg voor het al dan niet krijgen van Rhesus D antistof injecties. Voor bloedtransfusies heeft de uitslag gevolg voor welk bloed er toegediend kan worden.

Wanneer er irregulaire antistoffen aanwezig zijn voor een bloedtransfusie, wordt speciaal bloed geselecteerd dat niet met deze antistoffen kan reageren. Wanneer er irregulaire antistoffen aanwezig zijn in een het bloed van een zwangere vrouw, wordt tijdens de zwangerschap en na de geboorte goed in de gaten gehouden of het (ongeboren) kind last heeft van afbraak van rode bloedcellen (hemolytische ziekte van de pasgeborene) en een behandeling nodig heeft. De antistoffen van de moeder kunnen namelijk via de placenta bij de foetus terecht komen.

Informatie over de tarieven

In de tarieventool vindt u de tarieven van onze onderzoeken van 2020. Op het aanvraagformulier heeft uw arts aangegeven welke bepalingen hij door Saltro wil laten uitvoeren. U kunt zoeken op de naam of de code van de bepaling. Klik vervolgens op de + en het tarief wordt in het kostenoverzicht gezet en automatisch opgeteld. Zo heeft u een indicatie van de kosten die in rekening worden gebracht.

Bekijk de tarieven